Je wilt perfect zijn? Dat kun je maar beter niet willen

By 15 januari 2019BLOG

Ben jij een perfectionist?  En is dat gezond?

Perfectionisme kan een positieve eigenschap zijn, maar ook een negatieve. Waarin zit het verschil tussen gezond en ongezond perfectionisme?

Gezond versus ongezond
Natuurlijk is het goed om iets goed te willen doen, vooral als het om belangrijke zaken gaat als bv. je werk. Maar wat als het bijna nooit goed genoeg is en je zich de hele dag loopt te ergeren aan alle kleine dingetjes die er misgaan? Wie in het leven ook nog gelukkig wil zijn, zal dan toch nog iets moeten leren: te perfect is niet goed!

Concreet zit het verschil tussen gezond en ongezond perfectionisme in het volgende:

  • Intern gedreven perfectionisme is gezond. Het wordt gemotiveerd door een waarde als bv. kwaliteit  waardoor mensen gaan streven naar perfectie, goede planning en een goede organisatie. Het is bovendien niet echt verkeerd om dit ook van anderen te verwachten.
  • Extern gedreven perfectionisme is ongezond. Het ontstaat immers door ouderlijke druk, een streven naar erkenning, intense bezorgdheid over het maken van fouten of andere externe factoren. In zekere zin wordt dit soort perfectionisme dus niet door zichzelf, maar door anderen opgelegd.

Positief versus negatief
Daarnaast kan perfectionisme ook positief of negatief zijn. Positief perfectionisme houdt bijvoorbeeld in dat de prestaties van de perfectionist op de juiste manier worden verhoogd. Maar perfectionisme bevat ook een negatieve kant omdat het ook hinderlijk kan werken. Soms heeft een perfectionist immers enorme verwachtingen van zichzelf die hij helaas met de beste wil van de wereld niet kan realiseren. Dat leidt dan tot teleurstellingen en schaamte.

Is perfectionisme aangeboren of aangeleerd?
Allebei. Amerikaans onderzoek heeft uitgewezen dat sommige mensen meer aanleg hebben om naar volmaaktheid te streven, maar opvoeding speelt ook een grote rol. Of iemand (over)ambitieus is of niet, komt grotendeels voort uit de manier waarop hij of zij is grootgebracht. Als ouders er vroeger steeds op hamerden dat er vooral hard moest worden gewerkt om iets te bereiken in het leven is het geen wonder dat een kind als volwassene nog steeds bang is voor lui te worden aangezien als hij of zij niet het uiterste van zichzelf vergt. En als er thuis niet snel een complimentje werd uitgedeeld, kan iemand zijn opgegroeid met het idee dat hij of zij het nooit goed deed. Zo iemand kan dan als volwassene eeuwig aan het redderen zijn om het alsnog maar ‘goed te doen’.

’lk ben wat ik doe’
Een belangrijk kenmerk van perfectionisten is de veronderstelling dat goede prestaties hen tot ’betere’ mensen maakt. Ze koppelen hun gevoel van eigenwaarde vaak aan hun prestaties. ’Als ik een goede moeder ben, dan stel ik iets voor.’
’Als ik mijn werk beter doe dan een collega, doe ik het goed.’ ’Als de tuin er leuker bijligt dan die van de buren, dan deug ik.’ Omgekeerd betekenen mislukkingen al snel dat de perfectionist zelf mislukt is. ’Als ik een fout maak, zijn mijn kansen voorgoed verkeken.’ ’Als ik mijn rijbewijs niet in een keer haal, ben ik niets waard.’ ’Als ik geen baan kan vinden, stel ik niets voor.’

Een perfectionist trekt zo twee keer een verkeerde conclusie. Een goede prestatie, vaardigheid of kwaliteit verhoogt niet de waarde van een mens, net zo min als een mislukking iemand naar beneden haalt. Niemand is immers zijn prestaties. Een mens is meer. Wie zich bijvoorbeeld een slechte huisvrouw voelt is misschien weer wel een geweldige collega, een fijne echtgenote, een goede kok, een prettige buurvrouw en een lieve dochter. De kunst is dus een duidelijk onderscheid te maken tussen wie je bent en wat je doet.

Is perfectionisme wel zo’n slechte eigenschap?
Streven naar volmaaktheid leidt allicht tot betere prestaties en daar is op zich niets mis mee. Je zou kunnen zeggen dat normaal perfectionisme zorgt voor een optimale inzet, waar ook nog plezier aan wordt beleefd. Zodra angst om tekort te schieten de overhand krijgt is er sprake van afwijkend gedrag. De angst om te falen is zo groot, dat het kan gaan overheersen. Dan levert het geen betere prestaties op maar werkt het juist belemmererd omdat alles onmenselijk grote inspanning vereist.

Zoeken naar nuances
Andere herkenbare trekjes van perfectionisten hebben onderling met elkaar te maken. Door gebrek aan relativeringsvermogen delen ze de wereld in extremen in: iets is of mooi of lelijk, goed of slecht waar of onwaar. Omdat ze ook zo zwart-wit na hun eigen prestaties kijken, zijn die of optimaal of waardeloos. In werkelijkheid zit het leven een stuk genuanceerder in elkaar. De meeste prestaties zijn redelijk in plaats van goed of slecht, een schilderij is apart in plaats van mooi of lelijk en een opmerking is bruikbaar maar niet aantoonbaar waar of onwaar. Het ontbreken van nuanceringen leidt weer tot een tunnelvisie: perfectionisten vinden het al snel belangrijk dat iets ’nut’ heeft en oordelen opvallend vaak negatief over dingen;
’Waarom ga je nog pianolessen volgen, je bent toch al te oud om het goed te leren ?’ of ’Met die studie kun je niets, daar zijn helemaal geen banen in’. Met andere woorden, als iets niet meteen tastbaar resultaat oplevert, is het niet de moeite waard. Daarnaast zijn perfectionisten vaak control freaks die moeilijk taken delegeren (‘als ik wil dat het goed wordt gedaan, moet ik het zelf doen’), moeite hebben met emoties (‘veel te onvoorspelbaar’) en graag eindeloos dingen nalopen (‘misschien is er nog een foutje uit te halen’).

Een beetje minder mag best
Een rasperfectionist zal nu roepen dat bovenstaande eigenschappen haar / hem tot een duidelijk, doelmatig en praktisch mens maken en tot op zekere hoogte is dat ook zo. Anderzijds mist iemand door dit alles-of-niets-denken het meeste en mooiste van wat het leven te bieden heeft. Zo sluit een tunnelvisie een reeks onbekende, interessante en opwindende uitdagingen uit die misschien niet direct nut hebben, maar wel een verrijking kunnen zijn. En is streven naar controle bij voorbaat een verloren strijd.

Er is dus zeker iets te zeggen voor tolerantie, improvisatievermogen en flexibiliteit. Zoals durven vertrouwen op een goede afloop, vertrouwen op talenten van andere mensen en erop vertrouwen dat je de schade kunt beperken als het toch misgaat. Vaak is het verlies niet zo groot als perfectionisten denken. Zelfs als dingen helemaal anders lopen dan was gepland, verwacht of gehoopt, dan mag wordt het de volgende dag gewoon weer licht, gaan mensen gewoon weer naar hun werk en komt er gewoon water uit de kraan.

Zijn perfectionisten prettig gezelschap?
Nee. Niet echt. Ze hebben de neiging zich eeuwig en altijd met anderen te vergelijken, willen graag hun wil aan hun omgeving opleggen en zijn snel van mening dat hun manier de enige juiste is. Hoe goed hun inspanningen ook bedoeld zijn, voor de omgeving is het vaak doodvermoeiend te moeten leven met iemand die eigenlijk nooit tevreden of ontspannen is. Op het moment dat je je realiseert dat je doorslaat (je werk eindeloos controleren, voor de derde keer op een dag de plintjes stoffen, het vervelend vinden dat niet elke kop thee tot een high tea kan worden omgetoverd) helpt het om over je gedrag te praten totdat je het absurde ervan inziet. Vaak is het al genoeg om dingen hardop uit te spreken, om het bizarre ervan zien. Een vertrouwd iemand met geduld en gevoel voor humor kan een prima klankbord zijn om je angsten op los te laten.

Probeer te relativeren
Wat is het ergste dat er kan gebeuren als niet alles tot in de puntjes is geregeld? Komt het verkeer knarsend tot stilstand, gooit de zon er het bijltje bij neer, staat de politie met een arrestatiebevel voor de deur?
Waarschijnlijk niet, maar wat dan wel?
Wat is je grootste angst?
Dat anderen er iets van zullen vinden of zeggen?
En wat dan nog?
Rafel zo je hersenspinsels uit en het wordt vanzelf gemakkelijker om met foutjes, slordigheden en missers om te gaan. Het ergste wat er kan gebeuren, gebeurt namelijk bijna nooit. En als het toch gebeurt is het altijd minder erg dan je had gevreesd.

Kinderen en verwachtingen
De taak van ouders is hun kinderen aan te moedigen het beste uit zichzelf te halen. De achterliggende gedachte is dan vaak dat er zonder goede opleiding geen behoorlijke baan voor hun kind in zal zitten en dat het kind niet op eigen benen zal kunnen staan als er niet ontzettend hard wordt gewerkt. Een opmerking als. ’Je kunt het wel, gewoon beter je best doen’ legt echter een enorme druk op een kind die soms zo hoog is dat het kind gefrustreerd afhaakt met het gevoel nooit aan die hoge verwachtingen te kunnen voldoen. Of ze geven alles en halen continu mooie resultaten zonder dat dit iets bijdraagt aan hun zelfvertrouwen en zelfrespect. Daarom is het beter om als ouder niet te veel druk uit te oefenen. Elk kind ontwikkelt zich in een eigen tempo en heeft het recht om er te zijn, ook als het geen topprestaties levert.

Als je wat minder perfect wil worden

  • De hoofdlijnen zijn belangrijk

Perfectionisten hebben de neiging zich te verliezen in details: een samenvatting wordt zo even lang als het oorspronkelijke stuk, een vakantie zo overgeorganiseerd dat ze vergeten te genieten. Wie de hoofdlijnen goed uitstippelt, merkt dat de details vaak voor zichzelf zorgen.

  • Anderen zijn bondgenoten

In de ogen van perfectionisten zijn familieleden, collega’s en ’andere mensen’ in het algemeen al snel rivalen waaraan de eigen prestaties afgemeten worden. Niet alleen maakt dit niet bijster populair, het heeft ook totaal geen zin om steeds die concurrentie op te zoeken. Het levert niets op.

  • ’Zwak’ zijn is een sterktebod

Perfectionisten stellen zich niet graag kwetsbaar op en willen zich altijd van hun beste kant laten zien. Het getuigt echter eerder van kracht en karakter om eerlijk toe te geven dat sommige dingen niet zo goed lukken, zonder daarover schaamte te

  • Anderen mogen zichzelf zijn

Zo streng als perfectionisten voor zichzelf zijn, zo veeleisend zijn ze ook tegenover anderen, wat de omgang met huisgenoten en collega’s niet vergemakkelijkt. Een perfectionist moet accepteren niet de maat te zijn en anderen de ruimte gunnen het op hun manier te doen.

  • Er mag ruimte voor twijfel zijn

Een perfectionist kan een dilemma ’kapot’ denken; raakt dan zo verstrikt in voors, tegens en voorzorgen dat er uiteindelijk geen beslissing wordt genomen. Meer doen en minder denken, voelen in plaats van analyseren en beslissen inplaats van overwegen kan dan helpen.

Vaker ziek in eigen tijd
Perfectionisten op de werkvloer worden vaker ziek in hun vrije tijd. Psychologen onderzochten werknemers die vooraI ziek werden in het weekeinde en de vakantie. Uit de gegevens bleek dat deze mensen op hun werk een groot verantwoordelijkheidsgevoel hadden, waardoor ze gedurende de werkweek veel stress opbouwden.

‘Als iemand last heeft van extreme druk, zal het lichaam tegenkracht opbouwen,’ is een gangbare psychologische opvatting. Tijdens vrije tijd valt de stress weg en is het evenwicht in het lichaam verstoord.
Daar werden mensen ziek van. Als ze weer gingen werken, verdwenen de klachten.’ Dus maar gewoon hard blijven werken? ‘Nee, werken is niet een ’moeten’, maar een ’willen’.

Perfectionisten moeten hun baan leren relativeren. Onder de lichamelijke klachten sprongen hoofdpijn, vermoeidheid en spierpijn eruit, tijdens vakanties kwam griep vaak voor, alsof een ware perfectionist zich alleen in zijn eigen tijd toestaat om ziek te zijn.

NEEM CONTACT OP Vind ik leuk